|
|
Dick Guldstrand
The King of Thunder Alley.
By George Damon Levy
Dick Guldstrand doet al 35 jaar magische zaken met Corvettes vanuit een achterbuurt in Culver City, Californie.
Culver City is een klein, doodgewoon dorp met zowat 40.000 inwoners. In een van de achterbuurten heeft de heer Guldstrand zijn werkgebied,
zijn leven.
Guldstrand is 61 en 1 van de meest succesvolle Corvette -racers en -bouwers ooit. Hij zou gemakkelijk naar een chique adres kunnen verhuizen,
maar dat ligt hem niet. Hij is een doodgewone jongen met doodgewone manieren en zou het niet anders willen. Aktie is voor hem belangrijker dan
uitzicht. Zodoende is het straatje sterk met hem verbonden en hij sterk met het straatje. Kenners noemen het "Thunder Alley". Hier is een auto
niet snel maar net een beetje sneller dan al de andere.
Elke auto die onder zijn handen valt, wordt danig omgebouwd, achterwielen als olievaten, loodzware motoren, extreme verlagingen. Het was voor
Dick Guldstrand echter niet altijd gemakkelijk. Hij groeide op in Santa Monica tijdens de depressie. Toch was hij altijd gefascineerd door
wagens. Zijn eerste auto bouwde hij toen hij 14 was.
Na een tussenperiode in de wereld van de luchtvaart, kwam hij in de jaren 50 terug in de autowereld terecht en dit enkel door de Chevrolet
Corvette. "De eerste keer dat ik een Corvette zag, was het liefde op het eerste gezicht" weet Dick. Hij zag zijn eerste Corvette op een Motorama
(een rondtrekkende General Motors show waarbij nieuwe modellen ten toon worden gesteld).
"In die tijd was het al MG en Jaguar wat de klok sloeg maar de Corvette was anders. Sober, nuchter en doordacht. Geen motor die konstant
nagekeken moest worden zoals bij de buitenlandse auto's."
In 1958 kocht Dick zijn eerste Corvette en verbouwde hem grondig zodat hij ermee kon gaan racen. Dick vond zelf dat hij puik werk geleverd had en
startte met het volste vertrouwen. In die eerste race raakte hij kant noch wal wat hem zwaar tegenviel. In plaats van het op te geven, werd alles
opnieuw verbouwd en deze keer nog veel grondiger. De ombouwing nam enkele jaren in beslag maar toen die klaar was had Guldstrand een van de beste
wagens in handen.
In 1965 kreeg hij de vraag om voor Roger Penske te willen racen. Roger Penske had toen nog niet de naam en de faam die hij nu geniet, maar Guldstrand
ging voor hem werken als piloot, mechanicien, werkman. Samen wonnen zij alles wat er te winnen viel met hun 560 pk sterke L-88 Sting Ray. Zo
wonnen zij onder meer in Daytona en Sebring.
In Atlanta crashte Guldstrand met zijn Corvette en was verlamt vanaf zijn middel. Na veel revalidatieproblemen en moeite, stond hij enkele jaren
later terug in de racewereld. Ditmaal om de 24 uren van LeMans te winnen. Hij startte goed en hield zijn plaats tot hij uitviel met mechanische
problemen. Het volk leefde echter met hem mee en was aangenaam verast door de sterke indruk die de Corvette en zijn piloot hadden gemaakt. Hij werd
dan ook begroet met een enorm applaus toen hij het circuit afstapte. Een gejuig dat hem zijn hele leven zou bijblijven.
Het leven van Guldstrand was hard en moeizaam maar steeds wist hij alles te boven te komen en iedereen te verbazen. Zo ook zijn geprepareerde
Corvettes. Zij gaan door voor de beste ter wereld en met rede. Zij reflekteren als het ware zijn eigen leven. Er is immers maar een ding waar
Guldstrand meer van houdt dan van winnen en dat is van het leven zelf.
|
|